De Ustated Nites of America!!
Voor ik begin: Geert, we zullen je missen………..peddelend over de Colorado River: starend over de Grand Canyon: on horseback door Monument Valley……
Iemand zei van de week: "Gaan jullie naar Amerika??" Wat worden jullie burgerlijk!" Misschien wel: maar doet dat iets af aan de schoonheid van de natuur???
![]()
Woensdag 25 september
16.00 uur Frankfurt Airport, terminal 2 (of was het 1???)
Zes uur en een kwartier wachten valt wel mee: als je sowieso met vertraging vertrekt uit Amsterdam: het vliegveld uit 2 ver uit elkaar liggende terminals bestaat, waarin alle etalages bekeken moeten worden en ze heerlijke ligstoelen hebben.
24.00 uur: ’s-Nachts liggend op bed
Toch nog het hotel gevonden na half LA doorgereden te zijn. En dan toch maar 1 afslagje gemist!
Iemand zei gisteren nog: blijf een beetje op de grote wegen en weg uit de mindere buurten. Hoe minder???
We gaan met een droge keel naar bed, want die Mexicanen houden van vroeg opruimen. Welterusten!
![]()
Donderdag 26 september
Onze dag (na een slechte nacht overigens) kan niet meer stuk na een ontbijt met als buurman Sean Penn. Chris twijfelt nog, maar hij was ‘t! Met een gevulde maag onze weg vinden uit Los Angeles, hetgeen een stuk gemakkelijker blijkt als het vinden van ons hotel. Er lijkt geen einde te komen aan de stad.
California, the Sunshine State! Welke sunshine…..
Alleen wolken totdat wij ineens boven deze wolken zitten, rijdend door de San Bernadino Forrest, en een blauwe hemel ons tegemoet straalt.
Van Forrest naar Desert: Mohave Desert: enorm uitgestrekt en enorm droog: Hoe ziet de Death Valley er dan wel niet uit?
In Barstow stoppen wij voor de kop koffie en hier ver weg van huis zijn de twee enigste andere bezoekers van de coffee-shop twee Nederlanders!
Er wordt getwijfeld of we nog via the Death Valley naar Las Vegas zullen rijden, maar die omweg is te groot. Toch maken we een omweg: via de Hooverdam. Dus van de Freeway 15, east af :…. En opeens zijn we alleen in dit immense landschap met voor ons een lange rechte weg, de Joshua Tree Road. Daar groeien er hier duizenden van en dan opeens hier en daar nog maar eentje. Waarom??
Wij noemen Maasbracht of Raamsdonksveer nog wel eens oneerbiedig gaten, maar dat stelt niets voor bij wat hier voor dorp door moet gaan. Je zult er toch wonen: een dozijn huizen of trailers bij elkaar gehoopt, kilometers ver van enige civilisatie. (Hoewel die civilisatie nu ook niet altijd zo geciviliseerd is!!)
Waar ligt nu toch die Hooverdam. Bij iedere bergkam wordt er hoopvol gekeken; maar we hebben ons misschien verkeken! Want in plaats van onder de dam zitten wij boven de dam en moeten wij dus niet omhoog kijken. Even voorbij Boulder City komt Lake Mead in zicht en een paar bochten verder de Hoover Dam. De hele dag lopen wij al te roepen: "Wat een lekker weertje!", maar nu is het toch wel een beetje al te lekker: hot, hot ,hot!
Ons werd aanbevolen bij avond naar Las Vegas te rijden, maar aangezien wij geen hotel besproken hebben en best wel een beetje trek beginnen te krijgen, wachten wij niet op het invallen van het duister.
Naar zeggen zijn de prijzen van de superhotels door de week vrij laag. Nu niet: want het is overal druk, druk, druk. Bij Ceasar, MGM en Flamingo geprobeerd; wij eindigen bij Tahiti; het kleinste motel on the Strip en waarschijnlijk op de nominatie om opgekocht en gesloopt te worden om plaats te maken voor weer een nieuw groot hotel.
Als wij ons opgefrist hebben is het buiten donker: en dat moet het zijn in Las Vegas. Overdag zie je het stof, bouwputten en nog meer zooi. Maar ’s-Nachts: alles gloeit en glittert. Decadentie ten top en dat in het kader van de energiebesparing. Een vulkaanuitbarsting voor Le Mirage; een zeeslag voor Treasure Island en verder is het een aanslag op je ogen. En oren: dag en nacht het gerinkel van de slots (de gokautomaten).
Wij hadden ons verheugd op een diner van steak en lobster, maar na een flinke wandeling nog niets gezien, dus maar ergens naar binnen en bestellen een prime rib. Wij verwachten een lekker gebakken steak, maar kijken even vreemd als het ding gekookt is, of zo! Maar hij smaakt!
Na het eten toch zelf even gokken. Chris en ik houden het om 12 uur voor gezien, maar Leen en Leo pas om 3 uur.
![]()
Vrijdag 27 september
Dit laatste wist ik niet, dus heb ik ze enthousiast om kwart voor zeven wakker staan kloppen. En dat duurde en duurde… Ze keken nog echt slaperig uit de ogen. Vegas staat bekend om zijn eten, maar om een half uur in de rij te staan voor een ontbijtje, daar hebben wij geen zin in; dus daarom een vet croissantje met koffie en een laatste kwartje in de slot.
Welke wedding chapel kiezen we???
Welke idioot kwam er ooit op het idee in the middle of nowhere een casino te bouwen? Desert aan alle kanten. Een goed idee blijkt nu! Maar als je het goed bekijkt, te gek voor woorden.
Chris vraagt zich af waarom we niets merken van de verkiezingen. Dat telt hier toch niet mee: money is the game!
Ons doel vandaag in Zion National Park in Utah. Gisterenmorgen California, gisterenavond Nevada en vanavond Utah. Overmorgen New Yersey?? Grapje! Niet vergeten de klok een uur vooruit te zetten.
Volgens de boekjes moet het in Zion groen zijn. Wij rijden door onwaarschijnlijk en prachtig landschap, onder andere de Virgin River Canyon was prachtig (en alles is zo huge!), maar groen….??
Achter iedere bocht verwachten wij de groene bomen, en inderdaad, langs de Virgin River staan steeds meer bomen en struiken. Technisch gesproken zitten we al in de herfst, maar alles is nog even groen. Ook temperatuurswijze voelt het nog niet echt herfstig aan.
Bewaar de Grand Canyon voor het laatst, wordt ons geadviseerd; wij voelen ons hier al overweldigd en krijgen stijve nekken van het staren naar de rood, wit, en roodwitte rotsen. Leendert: "Dit is het mooiste dat wij in al onze vakanties gezien hebben." And that’s an understatement. Op dit moment zit ik voor onze luxe hotelkamer en tegenover mij krijgen de rotsen een steeds warmere rode kleur. Utah, the red rock state. Dat klopt!
Morgen komen de bergschoenen te voorschijn. Voor welke wandeling? Het liefst de Narrows, maar dan worden we gegarandeerd nat!
We laten de spieren weten dat ze morgen aan het werk gezet worden en maken een korte wandeling naar de Middle Emerald Pools. Mooi, mooi, mooi! Chris wil echter weten hoe al dat moois ontstaan is: al die vreemde vormen en kleuren. Gewoon het krantje van het Informatie Centrum lezen!
Na een lekkere maaltijd zijn we allemaal zooo lui en liggen met de kippen op stok.
![]()
Zaterdag 28 september
Lekker op vakantie: uitslapen, luieren…
Dan moet je niet ’s morgens om 4 uur al liggen te woelen in bed. Twee uur houden we het woelen uit en dan d’ruit. Naar buiten! Truien aan want het is koud en het waait. Hoe laat zou er hier ergens een ontbijtje geserveerd worden? Vroeg genoeg en stevig genoeg!
Dan het Zion National Park weer in voor twee wandelingen zelfs (!): Angels Landing en de Narrows.
Naar Angels Landing zou het een kleine 450 meter klimmen zijn. Leo en ik zijn ongeveerd tot de 350 gekomen, de rest nog zo’n 50 meter meer. Een vermoeiende maar mooie wandeling met prachtige vergezichten. Leen en Chris proberen de top te bereiken, maar haken onderweg af. Niet vanwege een conditiegebrek, maar omdat ze het een beetje tricky vonden. Een smalle richel met aan een kant een ketting om je eigen aan vast te houden aan de andere kant ….. Niet genoeg houvast vonden ze; en zij waren een van de velen die het toch wat te erg vonden. Alhoewel er toch ook vaders met kinderen op de rug, zonder angst en vreze naar boven klommen?
In dit park moeten 74 verschillende soorten zoogdieren zitten. Wij hebben er drie gezien: herten en twee soorten schattige eekhoorns. Even brutaal als altijd.
Gelukkig zijn wij vroeg aan deze wandeling begonnen, want als wij boven een beetje uit zitten te puffen en te genieten van de prachtige omgeving, wordt het steeds drukker en heter. Behalve te zweten, lopen we dan ook de hele tijd: "Hay! Hay! How are you?" Pas bij de afdaling merken wij hoe verschrikkelijk steil de klim was. Poeh! Gelukkig is het bijna allemaal gladde weg en geen trapsgewijze afdaling, anders hadden wij toch wel met rubberen knieën beneden gekomen en geen puf meer gehad voor de wandeling door de Narrows. Dat hebben we nu wel en na een korte rustpauze trekken wij met de auto verder de kloof van de rivier Virgin in. Wat een drukte! Maar ja, het is tenslotte weekend. Alle parkeerplaatsen zijn vol. Wat nu? Wat een geluk! Net waar wij staan te wachten, rijdt er een auto weg. Gauw invoegen!
Ze hebben het spannend gemaakt. De Narrows-hike staat op "high", hetgeen wil zeggen dat het afgeraden wordt de kloof in te gaan. Dat omdat het water erg koud is (14 graden) en er kans bestaat voor onderkoeling. Ga je toch: stevige schoenen en warme kleding meenemen en voldoende water. Klinkt spannend toch??
Wat het echter niet. Maar wel mooi; een nauwe hoge canyon waar het water eeuwenlang zijn werk heeft gedaan. Met veel kracht, zo te zien! De hele canyon is 11 kilometer lang, maar daar doe je een hele dag over. Wij doen maar een paar bochten, maar dat is ook al meer dan de moeite waard.
Terug bij de auto worden wij aangesproken door een jonge, mormoonse oma, die hier met kinderen en kleinkinderen is. Leo stelt haar allerlei vragen over de mormonen en ik houd mijn hart vast. Straks vraagt hij ook nog hoe het nu zit met de veelwijverij! Gelukkig doet hij dit niet. Leo begint overigens knap gefrustreerd te worden. Na drie dagen zijn eigen nog niet kunnen ergeren over die achterlijke Amerikanen. Ze zijn allemaal even vriendelijk!!!
Vanmiddag in de Narrows trouwens; stond ik een foto te maken van the 3 guys en zei: "Maakt niet uit.", net toen drie meisjes even beleefd stopten. Drie paar verbaasde ogen: Hollanders!! Hier, in the middle of nowhere??
Leo mag vanavond het eten uitkiezen: Chinees. Het eten is goed, maar de bediening…. Chris (die nou zelf ook niet het toonbeeld is van een zich aan de etiquette houdende heer) gaat op iedere slak zout leggen. En dat zijn er heel wat.
Het dorp waar wij nu zijn, Springdale, heeft ongeveer 350 inwoners (plus legio toeristen). Maar ons bevalt het wel: alles lekker dichtbij. Vooral als je nodig moet. Natuurlijk de gebruikelijke souvenirwinkeltjes, maar we moeten eerlijk toegeven: naast de gebruikelijke troep hebben ze hele mooie spullen. Navajo handcraft. Prachtig aardewerk en zandschilderijen. Ook zien wij hier voor het eerst foto’s van een fotograaf die ons de hele vakantie blijft achtervolgen en die ook prachtige foto’s heeft gemaakt van de (hopelijk gaan wij die nog bekijken) Antilope Canyon, waarvan wij menen dat de kleuren nep moeten zijn.
Na het avondeten (om niet te vroeg in bed te liggen) melig klaverjassen. Chris en Leo wonnen, maar hoe?
![]()
Zondag29 september
We leren het al; vanmorgen pas om half zes op. Na weer een stevig ontbijtje (hoe staat het met ons cholesterolgehalte?) moeten we toch langzaam afscheid nemen van Zion Canyon (Overigens ontdekt door de Mormonen, die ook overdonderd waren door dit landschap en de diverse bergen en kloven namen gaven die klinken als een klok. Bijvoorbeeld Temple of Sinowara.). Voorbij een lange, enge (as in small) tunnel klimmen we naar de Canyon Overlook en het blijft prachtig. Van hieruit kijken we terug het dal van de rivier de Virgin in en aan de andere kant zien wij Angels Landing. We genieten nog even van dit prachtige stukje wereld en trekken met spijt verder. Maar we blijven ogen tekortkomen: links, rechts, boven, onder. Vooral vreemd was de "checkerboard mesa": een afgeronde berg met horizontale en verticale uitgesleten strepen: als een schaakbord! Dan verlaten we het nationale park, maar of het hier nu minder mooi wordt!!!
Na een paar uur rijden, met de nodige stops om het landschap te bewonderen, slaan wij onze tenten op in Ruby’s Inn; net voor Bryce Canyon. Ruby’s Inn: groot en niet echt met fantasie gebouwd, maar een luxe: indoor pool, jacuzzi op de kamer. Nee, dan onze hangmatjes van vorig jaar met het wassen in de rivier!!
We zijn allemaal best we lui, maar gaan toch door naar Bryce Canyon. Natuurlijk rijden wij weer tot aan het einde van de weg om een wandeling te maken. De uitzichten zijn prachtig en je kijkt voorbij de horizon, maar toch…..!! Dan rijden we terug en stappen uit bij Sunset Point. En dan…… Ongelofelijk!! Is dit echt???
Zo mooi!! Het is alsof een architect begonnen is met het bouwen van een stad met vele kathedralen. Om welke reden dan ook is hij gestopt en is er deze sprookjesstad achtergebleven. Levenloos gesteente, levende kleuren en vormen. Een mirakel van moeder natuur!!!
![]()
Maandag 30 september
Kwart voor acht. Nu pas uit bed? Nee hoor.
We hebben er al bijna drie uur opzitten voor de sunrise over Bryce Canyon. Een uur in de kou staan blauwbekken voor, hopelijk, een paar mooie foto’s. Maar er kon op bed gelegen blijven. Daarvoor koos niemand dus allemaal koude tenen. Eerst zijn alle rotsen, pinakels en boogjes vaal van kleur, maar bij de eerste stralen van de zon komen de echte kleuren tevoorschijn: allerlei schakeringen rood, oranje, paars en zelfs geel. De koude tenen meer dan waard.
Dan terug naar het hotel voor een ontbijtje, in het zelfde zaakje als gisterenavond, want bij ons in het hotel was het weer aansluiten geblazen. Net als gisteren toen wij na een half uurtje jacuzzi een lekkere steak wilden opzoeken. En die wij gevonden zouden kunnen hebben in het Cowboy Café: wij kozen echter voor BBQ-ribs. Lekker!
Na het ontbijt checken wij uit en keren terug naar Bryce Canyon voor een wandeling "under the Rim". Zouden we dat echt wel doen, na zo’n slecht nachtje? Ik dacht steeds dat het ochtend was en Leen en Leo (die in een bed sliepen) waren bang boven op elkaar te gaan liggen en gezellig in te sluiten. Toch trekt iedereen dapper de bergschoenen aan. Leen heeft een beetje moeite met lopen: zijn wreef zit helemaal klem. Leo daarentegen zat wel een beetje ruim in zijn linkerschoen. "Heb jij geen twee verschillende schoenen aan Leo?" "Nee hoor, ze zitten goed!" "Leo, die ene schoen is veel groter dan die andere!!" "Nee hoor." Ja hoor; schoenen verwisseld!!! Van de week vonden we het al vreemd dat Leo een zooltje in zijn schoenen had en Leen er ook maar een…
"Hebben jullie dat dan niet gemerkt tijdens het lopen?" Dus niks allebei maar een zooltje: gewoon schoenen verwisseld en heeft Leen dus zijn eigen dure inlegzooltjes weggegooid. Volgens mij waren we toen nog niet helemaal goed wakker: vier identieke schoenen op een rijtje om te drogen na de natte wandeling door de Narrows. Twee nog nat, twee al bijna droog. Twee met zooltje, twee zonder zooltje. Even later: vier zonder zooltje en de schoenen verkeerd naast elkaar in de auto gezet. Nadat wij na 5 minuten uitgegierd waren, konden we eindelijk aan onze (streneous) wandeling beginnen. Eerst de canyon in en dan weer uit: een vrij korte wandeling, maar wel een heel eind omlaag en natuurlijk dat hele eind weer omhoog.
Het is hier onbeschrijfelijk mooi!! Je zou de camera aan kunnen laten staan en ook rolletjes vol kunnen schieten. Om iedere bocht, en dat zijn er veel, wordt er weer alle kanten op gewezen; "daar…, daar… Dat is mooi! En dat ook!" Alles is mooi en voor we het weten, na wat gehijg, zijn we weer boven er verlaten wij ook Bryce Canyon. Met een bezwaard hard, maar hopelijk met mooie plaatjes, die sowieso op ons netvlies gebrand zijn.
Dan richting Escalante: waar we al dan niet overnachten. We stoppen er uiteindelijk alleen voor een "lichte lunch" en proberen een kijkje te nemen in een "petrified forrest" (versteend woud). De wandeling ernaartoe blijkt weer recht omhoog dus Leo, Leen en ik houden het al gauw voor gezien. Chris loopt echter door en kijkt fanatiek uit naar versteende bomen: links, rechts en omhoog. Hij kijkt echter niet omlaag: bomen zijn bomen en die steken in de lucht. Versteende bomen echter niet: die zien eruit als rotsblokken op de grond. "Ja, dat hadden jullie wel eens eerder kunnen vertellen!" Gisteren in Ruby’s Inn hebben wij nog een schijf versteend hout gezien en dat was erg mooi. Hier dus alleen de spiertjes nog even getraind.
We besluiten verder richting het Fish Lake te rijden, vanaf Escalante in noordelijke richting. Weer een prachtige rit en weer kom je ogen tekort. Ergens op een bergkam stoppen wij om nog beter van het uitzicht over de Escalante Canyon te kunnen genieten en krijgen al gauw gezelschap van een ausgewanderte duitser, die alleen engels praat en ons allerlei tips aan de hand doet. Zo moeten de we Escalante Canyon hiken. "Lijkt het op de Narrows?" "Zoiets ja." Hij krijgt spijt dat gezegd te hebben, want nu ziet hij aan onze gezichten dat wij dat toch niet doen. Alhoewel deze wandeling wel min of meer in mijn planning stond. Maar we hebben al het een en ander afgelopen en we moeten het een beetje goed doseren! Wel knopen wij een andere tip in onze oren: de Road Creek Inn in Loa. "Excellent food. You’ll thank me for the rest of your life for this tip!"
Verder gaat de reis: langs Boulder, Torrey en dan Loa. Hier willen we overnachten en eten. Dit laatste blijkt alleen te kunnen in bovengenoemde Road Creek Inn tegen pittige prijzen. Bij het informatiecentrum vraag ik naar de overnachtingsmogelijkheden aan het Fish Lake. Volgens hen was daar alles al dicht. Na Labour Day is het seizoen afgelopen. Nee toch zeker!
Een van de folders die ik meegebietst heb, is reclame voor het Lakeside Resort. Twee kwartjes verder weten we dat er toch nog wat open is aan het meer: op naar het Fish Lake dus. Is het overigens de goden niet verzoeken te gaan vissen in een meer dat Vismeer heet???
Of wij bezwaar hebben tegen een 60 jaar oude hut. Nee hoor, zolang hij maar schoon en warm is. En dat lijkt hij ook. Met de nadruk op lijkt!
De koffers worden in de hut gezet en we frissen ons op om in Loa bij bovengenoemde Inn te gaan eten. Net echt ons hutje: een of andere vissershut uit een cowboyfilm met 60 jaar oud meubilair en een 60 jaar oude kachel. Let vooral op de kachel!!!
Na het heerlijke eten (de ons aanbevolen trout) terug naar de hut en nog even klaverjassen. Een blik op de nachtelijke hemel met zijn miljoenen sterren had ons kunnen vertellen dat het een koud nachtje zou worden. IJskoud! Tijdens het kaarten, onder het genot van een glaasje Cabernet Sauvignon, was het nog behaaglijk. Maar in bed…….! Ik ben de hele nacht aan het draaien geweest: buikje warm draaien, rugje warm draaien. Leo en Leen draaiden ook, maar die hadden geen kacheltje bij zich in bed. En het kacheltje dat er was hebben we niet aangestoken. BIBBER. BIBBER.
![]()
Dinsdag 1 oktober
Om 6 uur ’s morgens stonden Leo en Leendert met al hun warme kleren aan te vloeken tegen het kacheltje, wat zij niet aankregen. En toen dat eenmaal lukte met een verstuikte duim, produceerde het ding nog niet veel hitte. Wanneer komt de warme koffie? Zit er antivries in de auto? Gisteren was Chris (wie anders?) uiterst bezorgd om zijn ontbijtje, hier zo aan dit verlaten meer, maar hij hoefde niet bezorgd te zijn, want behalve zijn eieren was het toch goed???
Om 9 uur stappen wij vol goede moed in een bootje om op het meer te gaan vissen. Voor het echte grote werk zijn wij nog te vroeg, maar wij zijn al blij met wat kleinere jongens. Er wordt hier in ieder geval vis gevangen, want toen Leen en ik gisteren de omgeving aan het verkennen waren, vroegen wij ons af wat dat overdekte ding toch was. Dit bleek een openbare visschoonmaakplek (!) te zijn, waar de koppen nog lagen te blinkeren.
Tja, het is moeilijk bescheiden te blijven. Allemaal dure hengeltjes en niks vangen: ik gewoon een stukkie snoer met een haakie. En de ene beet na de andere!! Tja, de goede feeling moet je hebben. Leo is eigenlijk de enigste die uberhaupt (behalve 1 of 2 keer) geen beet heeft gehad: alleen maar kou!!!
Die is echter heel gauw voorbij als wij rond 5 uur terug in ons hutje zijn. Men heeft de kachel nagekeken en nu is het hier gloepend heet. Toch alles dicht houden: alvast sparen voor vanavond. Bovendien hebben we om extra dekens gevraagd, dus hopelijk wordt dat vannacht niet meer vriezen. Leo had afgelopen nacht na een kwartiertje alles uit zijn rugzak al aan: Leen heeft rond 4 uur zijn trui opgezocht. Dus afwachten wat het vannacht wordt!!
We gaan weer eten in de Road Creek Inn en rijden nu langs de andere kant van het meer naar Loa, hetgeen enkele miles langer rijden zou zijn. Niks wat langer: twee keer zo lang! Dat wordt nog even honger lijden.
Na ons traditionele potje klaverjassen naar bed.
Trusten!
![]()
Woensdag 2 oktober
Vannacht gelukkig allemaal lekker geslapen. De wallen worden minder!
Na het ontbijt gaan Leo en Leen voor de BBQ van vanavond zorgen en wij zorgen voor de bijgerechten. Dit doen we dus in Loa, waar we al aardig bekend worden en waar eindelijk de kaarten op de post gaan. Op de heenweg maken wij nog een heerlijk wandelinkje langs een prachtig meanderend beekje.
Terug aan het Fish Lake zitten Leen en Leo even bij te komen van de kou en liggen er 6 forellen in de wasbak. Dat wordt steak and fish.
Voor de lol gaan Leen, Chris en ik nog een keer het meer op, maar dat wordt geen lolletje: weinig beet, veel wind en zelfs regen. Het zou rond deze tijd altijd zo’n dertig graden zijn. Foutje! Had mijn tante dan toch gelijk met haar dikke truien? We moeten echter niet vergeten, dat we hier wel vrij hoog zitten en dat de herfst, waar elders nog niets van te merken is, hier al duidelijk aanwezig is. Kijk maar naar die prachtige kleuren.
By the way! We hebben al echte cowboys gezien: eergisteren in Escalante en gisteren en vandaag wat verderop langs het meer. Een enorme kudde runderen werd bijeengedreven door 2 cowboys, compleet met lasso en stetson. Ik had niet gedacht dat men het vee zo nog zou drijven. Het ziet er in ieder geval heel echt uit.
Wij hebben Leo opdracht gegeven om 4 uur precies de BBQ aan te steken. Dit doet hij braaf. Dus een uurtje later zitten wij lekker te smikkelen. Misschien niet zo chique als in een restaurant, maar we lekker. Vooral de steak (natuurlijk!) was jummie. Wat wil je ook met die ongestreste koeien hier. Lekker vrij rondlopen met af en toe zo’n vervelende cowboy achter je aan. Geen klein hokje waarin hij vergemest wordt.
Morgen trekken we weer verder: richting Moab. Hopelijk richting ons ouwe vertrouwde warme weer!
P.S. Toen Leo vanmiddag in onze afwezigheid een lekker tukkie lag te doen, werd hij opgeschrikt door een hels kabaal. Dit bleek uit de richting van de prullenbak te komen. "Een rat", dacht Leo, dus gauw de bezem gepakt om hem een doodsklap te verkopen. Bij nadere inspectie bleek het een van chocomel houdend mini-eekhoorntje te zijn, die bij de aanblik van Leo helemaal in een hoekje wegkroop. Leo trok zich bescheiden terug, maar het beestje was te erg geschrokken. De vuilnisbak buiten zetten was ook nog niet genoeg. Pas toen Leo de vuilnisbak voorzichtig op een kant legde, schoot het beestje er als een haas vandoor. Het ding zit nu nog bij te komen.
Bij Leo begint het trouwens een beetje te vergrijzen. Vanmorgen wilde hij eens zijn lekkere dikke sokken aantrekken. "Wie heeft mijn sokken?" Iedereen alles afgezocht; de hele hut overhoop. Blijkt hij ze al aan te hebben!!!
![]()
Donderdag 3 oktober
Vandaag niet veel te vertellen.
Vanmorgen opgestaan in redelijk warme hut met buiten alles bevroren. Dus de auto maar wat voorverwarmd. Om 9 uur weer gepakt en gezakt. We gaan vandaag via Capitol Reef en Hanksville naar Moab. Capitol Reef is niet te vergelijken met Bryce Canyon, maar levert toch ook mooie plaatjes op. Natuurlijk weer rood gesteente! Voorbij Capitol Reef stoppen we op een vlakte die in de Sahara niet zou misstaan, met in de verte grijze, ongenaakbare tafelbergen waarop de natuur burchten heeft gebouwd.
Ook stoppen we in Hanksville bij het informatie centrum. In de nabijgelegen Henry Mountains leeft een kudde bizons en die zouden we best wel willen zien. Helaas is dit zonder 4W-drive niet mogelijk. Overigens ligt er op de toppen van de bergen nog sneeuw en is het waar wij nu staan vast een stuk aangenamer. Dus misschien is iedereen wel blij dat we niet de bergen in hoeven.
Voorbij Hanksville lijkt de weg eindeloos: een rechte weg into nowhere!! Met zoals gewoonlijk prachtige vergezichten.
O ja, nog een hele oude watermolen bezocht: op zich niets bijzonders, ware het niet dat er terdege voor rattlesnakes werd gewaarschuwd. Joehoe, slangetjes waar zitten jullie?
Om ongeveer 2 uur zijn we in Moab: het paradijs voor bikers, hikers en wat al niet meer. Geografisch gezien het verste punt van onze reis: gelegen tussen Arches National Park en de Canyonlands.
Het kostte even moeite om accommodatie te vinden en als we dan in het Apache Motel een enorme suite hebben, is dat alleen maar voor vannacht.
Heeft John Wayne hier geslapen, of zo?? Hij lijkt ons van alle kanten aan te staren.
Ons wordt aangeraden zo vroeg mogelijk een kamer voor morgen te zoeken: dat zullen we doen.
Wij zijn daarstraks langs de Colorado River gereden: volgens ons valt er niet veel te raften. En dat klopt ook: weinig water, weinig fun! Voor alle zekerheid rijden wij nog een stuk stroomopwaarts, maar het is overal even rustig. Dus dan maar niet raften!!
Stom, stom, stom. De Inca Inn stond nota bene bijna bovenaan mijn lijstje. En die hebben vanavond kamers, morgenavond kamers: het hele weekend dus! Alvast maar reserveren voor morgen en overmorgen. De eigenaresse vindt het helemaal niet raar dat wij vanavond ergens anders zitten.!
Ook huren wij alvast een jeep voor zaterdag om een dagje "off-the-road" te gaan touren. Zo, nu eerst iets te eten zoeken. Ondanks vage protesten wordt het toch mexicaans. En het was lekker: alleen worden dat diverse sapkuurtjes na de vakantie!
P.S. Van de week bij Bryce Canyon tijdens het staren naar de sterren een vallende ster gezien. Leo en ik knepen allebei stijf de ogen dicht en deden een wens. Dezelfde? En komt hij uit?
![]()
Vrijdag 4 oktober
Toch wel handig om mijn dagboek te dateren, want soms komen we er helemaal niet meer uit. Vandaag dierendag dus en ter ere van die dag een vlak voor onze auto overstekende coyote gezien. In de remmen!
Dat was terug op weg naar Moab na een mooie en soms spannende wandeling in het Arches National Park.
Vanmorgen na ons ontbijt nog wat boodschapjes gedaan voor de "survival trip" van morgen en daarna, zoals gezegd, het Arches National Park in. Wij kiezen voor een wandeling van zo’n 4 a 5 uur door Devil’s Garden. Mooi, mooi, mooi!! De meest bizarre vormen: gebeeldhouwd door moeder natuur en opgeheven door moeder aarde. Prachtige vergezichten en spannende doorkijkjes. Het eerste deel van de trail is nog gedeeltelijk geasfalteerd, maar daarom niet minder mooi. Dan staan er allerlei onheilspellende borden: primitive trail: dangerous. Reden temeer om hem te nemen. En inderdaad; er zaten een paar tricky stukjes bij, daar waar het pad versperd werd door ronde gladde reuzenkiezels. In voelde me net zo’n "free climber". Eraf was geen probleem: gewoon glijbaantje spelen. Maar erop: op een gegeven moment had ik de keus of die gladde ronde berg op of nat worden. Na drie vergeefse pogingen toch maar natte voeten. De boys zijn natuurlijk droog gebleven en kwamen wel boven. Verschil moet er blijven!
Er stond zo’n vier tot vijf uur voor de wandeling, maar zoals gewoonlijk zijn wij weer sneller. De weg uit het park is dezelfde als erin (logisch!), maar vanaf de andere kant ziet het er toch weer heel anders uit.
In ons hotelletje voor het weekend, de Inca Inn, frissen wij ons op en zijn eigenlijk van plan een kijkje te gaan nemen in Utah’s enigste wijngaard. Wij staan echter onze tijd te verkletsen met twee mede-hollandse-reizigers. Het wordt daardoor zo laat dat wij gelijk onze Wrangler (geen spijkerbroek) gaan ophalen voor morgen. Leo heeft denk ik honger, want die stelt voor ook maar gelijk te gaan eten. We doen dit in "Mi Vida": een voormalig optrekje van de een of andere miljonair, rijk geworden door de mijnbouw. En ik moet zeggen hij had een slechtere locatie voor zijn stulpje uit had kunnen kiezen: we hebben een prachtig zicht over Moab en de daartegenover liggende bergen. Dit wordt tevens het duurste etentje tot nu toe. Maar wel lekker: vooral de cheesecake. Calorietjes!! Alhoewel Leen en ik samen altijd maar één stukje nemen.
In plaats van vroeg onder de wol willen we ook wel eens een avondje stappen, dus duiken we de stad in voor een geschikte locatie. Bij de tweede poging is het raak: El Rio! Een club waar zo dadelijk een live-band gaat optreden. Country en Western? Nee, onvervalste rock and roll!!! Chris kan hierover niet meer mee vertellen, want die moest op een gegeven moment ten gevolge van (hoe kan het ook anders!) een uiensoepje naar het kleinste kamertje. Hij vond er toch niet veel aan en bleef gelijk in het hotel. Maar toen had hij de band nog niet gehoord!!
Wij drieën hebben onder het genot van een pilsje (zeg maar pils) nog een paar uur zitten genieten van de band en het rondkijken naar de andere gasten: veel jerommekkes en een mooie indiaanse, voordat we het ook voor gezien houden. Morgenavond weer???
![]()
Zaterdag 5 oktober
Gisterenavond vroegen we heel enthousiast aan de eigenaresse van het hotel hoe vroeg wij ijs bij haar konden krijgen. Vanaf 7 uur. Dat is vroeg genoeg. Worden we toch pas om half 8 wakker!! Wat laat voor ons doen.
Maar omdat we besloten hebben ergens onderweg te ontbijten, kunnen we binnen no time op weg. Eerst richting Dead Horse State Point en dan het Canyonland National Park in. Het meisje van de autoverhuur heeft een route aangegeven op de kaart en volgens de Nederlands sprekende ranger op het informatiecentrum in dat inderdaad een mooie rit. Het is min of meer een 'loop' met een zij-uitstapje helemaal een canyon in, zodat je aan de Colorado komt te staan. Gisteren was een klein deel van de route afgesloten, maar nu kan die weer. Dus harrikidee!!
Wat koud is zo’n open wagentje zo vroeg in de morgen. Leo en ik zitten achterin te kleumen en Chris maar sjeezen. De zon staat wel allang hoog aan de hemel, maar er staan nog een paar bergjes in de weg. Even weten we niet waarheen, maar een wat nauwkeurigere blik op de kaart leidt ons naar de goede weg of wat daarvoor moet doorgaan. De Long Canyon over Puckers Pass richting the Knob. Steeds hoger en hoger, maar gelukkig breed genoeg, dus de pampers hadden thuis kunnen blijven. Bijna boven in de pas genieten wij in het zonnetje van ons welverdiende ontbijtje en van het prachtige uitzicht. Je zou van al dat moois hier bijna vergeten je te realiseren hoe mooi het hier is!!
Voorbij Pucker Pass maken we een abstecher richting the Dead Horse Point Overlook. Leuke jongens die cowboy’s. Deze Point vormde namelijk, hoog boven de Colorado, een bijna natuurlijke 'corral'. Men hoefde de paarden alleen het klif op te jagen, een hekje neer te zetten en gevangen waren ze op een bijna natuurlijk eiland. Hier werden ze getemd en afgereden en klaargemaakt voor verkoop in de verre stad. De paarden die niet goed genoeg waren, werden achtergelaten: liever gezegd aan hun lot overgelaten. Waarschijnlijk liet men uit gemak het hek gewoon staan en zodoende konden deze paarden de punt niet meer af. Velen stierven hier in het zicht van het water, waar zij nooit bij zouden kunnen komen. En inderdaad ligt de Colorado in de diepte ongenaakbaar te glinsteren. Een natte uitdaging in dit verder zo droge landschap.
Dan gaan we richting Canyonlands, waar we net voorbij het Visitors Centrum de diepte induiken. Via de Shafer Trail Road, Gooseneck en Musselman Arch en the White Rim (fantasie had men hier wel!) steeds verder de diepte in. Het laatste weggetje dat in Leathrop Canyon leidt is wel erg smal en steil, maar we hebben tenslotte de geschikte auto dus wagen we het erop en kunnen een paar spectaculaire kilometers verder met ons voeten in de Colorado staan. Een bruine en vuile Colorado overigens. Het vuil komt waarschijnlijk van de potas-fabrief die wij een eind stroomopwaarts gezien hebben en waar wij aan het einde van ons rondrit terecht moeten komen. Overigens het eerste teken van industrie sinds dagen. Ik moest al een hele tijd heel nodig, dus bij de Colorado kopvoor de auto uit en huppekee. Wat had ik niet gezien: een w.c.!!!
Na een late lunch de berg weer op: een genot voor het oog, maar minder voor de ribben en nieren. En dan rijdt Chris nog voorzichtig. Tenminste het grootste gedeelte. De laatste kilometers moet hij zich even uitleven.
Een moment voelen wij ons Thelma en Louise: een grote platte grasvlakte die abrupt eindigt. "What’s this? The fucking Grand Canyon?" Anders dan zij besluiten wij de sprong in het diepe niet te wagen. Onze vakantie is namelijk nog lang niet voorbij en er is nog zoveel te zien en te doen!
Chris dacht binnen no time weer in Moab te zijn, maar we hebben toch nog de hele dag nodig gehad voor ons rondritje. Voor de zoveelste keer moet in zeggen: mooi, mooi, mooi! De jeep vervangen door paarden: de petjes voor hoeden. Het ultieme cowboy-gevoel.
In dit gebied worden heel veel films opgenomen en bijvoorbeeld de Marlboro-reclame. Volgens mij zat die gisterenavond bij El Rio: samen met de gehele filmcrew en vreten dat die gasten deden!
Chris zijn uitleven ging een keer een beetje te ver; een bochtje te snel een daar slipte de auto weg. Een blik op Chris zijn gezicht leerde mij dat hij de auto even niet onder controle had. Gelukkig zaten we op een brede vlakte en niet op de gebruikelijke smallere weggetjes met naast ons een hele diepe afgrond. Maar dan had Leo vast niet om wat actie gevraagd. Het was wel mooi geweest voor de film!!!
Rond 5 uur zijn wij stoffig en roodverbrand terug in Moab. Mijn hoofd is net zo’n rode toverbal. Lekker afkoelen en afspoelen onder de douche. Afkoelen zeker: want waar blijft in hemelsnaam dat warme water. Men zal gedacht hebben dat wij dat niet nodig hebben, want wij zijn natuurlijk weer de enigste zolen die zo laat in het jaar nog van het zwembad gebruik wilden maken. Dit was eigenlijk al gesloten, maar we mochten onze gang gaan werd ons gezegd, met een meewarige blik in de ogen. Na de douche ben ik echter niet meer zo roodverbrand en kunnen ze de handdoeken gelijk in de kookwas gooien. Waren we toch eventjes roodhuiden.
O ja, vandaag staan er nog twee coyotes op de teller. Vanmorgen op weg naar de Dead Horse Point zag ik opeens iets bewegen. Een coyote, nee twee! Zij bleven op veilige afstand, maar hielden ons goed in de gaten. Grote jongens, leuk als waakhond.
Na het eten liggen Chris en ik vroeg onder de wol. De andere twee gaan hun geluk nogmaals beproeven bij El Rio. Daar blijken ook onze Nederlandse buren (die overigens drie jaar in Roosendaal gewoond hebben en daar natuurlijk carnaval hebben leren vieren) te zijn en dezelfde band van gisteren. De lead-zanger had nu een ander charmant jurkje aan; het publiek was wat rustiger na het drinkgelag van de vorige avond; maar overigens was het hetzelfde liedje als gisteren. En dat moet zeer letterlijk genomen worden!!
![]()
Zondag 6 oktober
Wat zijn we laat! Pas om 8 uur uit bed (met wij bedoel ik dus Chris en ik). Daarom ook pas om 10 uur op pad. Richting Monticelli met een ‘abstecher’ richting the Needles, een andere gedeelte van het Canyonlands National Park. Veel animo voor enige activiteit is er vandaag niet, dus rijden we het park in; informeren naar een weg die we zouden willen rijden (hetgeen dus niet mogelijk is); rijden een kort rondje door het park en rijden er weer uit. Helaas zo kort: het is hier weer zo mooi!!! We kunnen ook niet alles zien, dat zou maanden en maanden vergen en er ligt nog zoveel moois voor ons in het verschiet. Hopen we dan!
Wel stoppen we bij de Needles Outpost. Een winkel annex pompstation, weg van de snelweg. Typisch een zaak uit een of andere road-movie: krakende deur, krakende veranda en stoffige halflege planken met boven dit alles de blakende zon. We posten hier nog een gekke kaart voor Geert en als ik nog eens goed rondkijk, merk ik ineens op dat er van deze Outpost een foto in de Globo voorkomt. Inderdaad!!
Dan weer terug richting Monticelli, weer een keer door die mooie canyon. De weg naar het zuiden die ik uitgekozen had, ging dus niet. Wel konden we de Blue Mountain Loop rijden volgens het Info Centre. "It’s very beautiful upthere!" Dat klopt inderdaad: na een paar kilometer zitten we midden in de Indian Summer. Wat een kleuren!!! En weer een paar kilometer verder ligt een klein meertje waar gevist mag worden. Het is nog vroeg zat, dus hengels optuigen en lekker relaxed in alle stilte proberen een visje te verschalken. Lekker even bijkomen in deze rustige omgeving. Vooral goed voor Leo: die heeft een baaldag en vindt vandaag niks leuk. "Hoef je dan vanavond ook geen eten?"
Als Chris dan ook eindelijk zijn visje gevangen heeft, gaan we weer verder: door het Monti Sal Forrest richting Blanding. Het stikt hier van de 'deer', die waarschijnlijk geen van allen weten dat binnenkort het jachtseizoen begint. Als we voorbijrijden blijven ze heel dom staan en kijken ons nieuwsgierig aan met van die grote bruine ogen.
In Blanding hebben we weer een bak van een suite met een apart snurkkamertje voor Leendert: die we achter 2 deuren kunnen sluiten.
Het is een lange wandeling naar onze eetgelegenheid, maar na weer een overdadige maaltijd zijn wij blij de beentjes te kunnen strekken.
Leo heeft inderdaad zijn baaldag, want hij en Chris verliezen drie keer met klaverjassen. Wel weer onder het genot van een lekker glaasje wijn. Chris wordt overigens steeds lastiger voor Leo. Arme Leo.
![]()
Maandag 7 oktober.
We beginnen het uitslapen te leren; weer half acht.
Onze suite was inclusief een continental breakfast. Maar dat is niet wat wij gewend zijn: wat toast en allerlei zoete hapjes. Brrrr!!
Ons doel vandaag is Mexican Hat op de grens van Monument Valley: een gehucht met 40 inwoners. Daar willen we proberen bij Ed Black een paardentrip te organiseren. Meer eerst moeten we de Moki Dugway nog doen; "where the world falls apart!" Wij rijden door bos, bos en bos en ineens houdt het land op en kijken we uit over een enorme droge en natuurlijk rode vlakte, met links the Valley of the Gods en rechts Monument Valley; of omgekeerd. Voordat de Moki Dugway geasfalteerd werd, verpakte menigeen zich in een van de vele haarspeldbochten en ook nu ligt er in de diepte nog een getuige van een wat te onvoorzichtige rijwijze.
1100 voet slingert de weg zich richting vlakte en vergis ik mij of is het hier beneden ineens een stuk warmer??
Mexican Hat is echt een gehucht. Zo klein, onder een hoedje te vangen. Toch willen wij hier overnachten en laten ons oog vallen op de San Juan Trading Post aan de San Juan River.
We rijden nog wel even richting Monument Valley op zoek naar Ed Black en zijn paarden. Het is nog een aardig stukje rijden en links en rechts verrijzen die uit de reclame zo bekende tafelbergen, blakerend in de zon.
Natuurlijk souveniershops en tour-operators te over, maar gelukkig stuiven ze niet gelijk op je af. Als wij bij iemand, die jeepritjes aanbiedt, vragen naar de stallen van Ed, vraagt zij met een brede ironische glimlach: "Eerst nog een jeeptour maken???"
Even later staan wij bij de paarden en geven ons op voor de overnight-tour van morgen. We zijn dan niet alleen, maar dat zouden we vandaag ook niet geweest zijn. We staan nog even te kijken bij de paarden en hopen dat ze ons de maksten geven. Morgen om 3 uur weten we alles!
Terug richting Mexican Hat stoppen we nog bij 2 rijen hutjes, die zo te zien bij de eerste de beste behoorlijke windvlaag als kaartenpakhuizen ineens zullen storten. Ze herbergen mini-restaurantjes en souveniers-stalletjes en hier koop ik dan ook het "verplichte" lepeltje en een mooie armband. Van zilver, zegt men. Dan lusten we wel wat en aangezien we in Navajo-land zitten, eten we indian frybead: lekker en luchtig!
Op dit moment, midden overdag, liggen we allemaal uitgestrekt op bed: bij te komen. Bij te komen van wat? De hitte misschien?? Want het is hier heet!!!
Later, na wat shopping liggen we weer uitgeteld op bed. Dat wordt zweten morgen!
Toch helemaal vergeten een prettige bijkomstigheid van deze vakantie te noemen: het is overal zo heerlijk schoon en goedverzorgd. Frisse bedjes: een overvloed aan handdoeken, tissues en zeep op de kamers. Een luxe gewoon. Nee, dan morgenavond: met zijn vieren in een tentje met niets tussen jou en de harde, rode grond dan een slaapzakje!!
We zitten net de weerberichten te kijken en het blijft lekker zonnig. Behalve op de t.v. nog niets meegekregen van enige verkiezingskoorts. Ze zijn hier in Utah (we zitten nog net in Utah) niet zo gecharmeerd van Clinton. Waarom precies weten we niet: er werd iets over weggeven van land verteld over de radio, maar het fijne ervan hebben we niet meegekregen.
Had ik het een tijdje terug over die prettige schone bijkomstigheid. Zelfs de wegen worden schoongehouden. Om de zoveel tijd staat er een bord langs de weg met als opschrift: "adopt a highway", met daaronder de naam van een bedrijf, school of iets dergelijks. Zij zijn verantwoordelijk voor het "schoonhouden" van een bepaald stuk weg. En wat viel ons nu helaas op: hier in de buurt van het Navajo-reservaat ligt er jammer genoeg aanzienlijk meer vuil langs de wegen!!!
Vroeg onder de wol, uitrusten voor morgen.
![]()
Dinsdag 8 oktober
Na lekker uitslapen, lekker ontbijten en op ons gemakje inpakken: op richting Monument Valley.
Eerst gaan we hem met de auto verkennen en vanmiddag zoals gezegd te paard.
O ja, vanmorgen Pa en Ma aan de lijn gehad: die hadden 100-uit te vragen en zitten nu over de atlas gebogen. Waar ligt Mexican Hat? Ik betwijfel of het wel op de kaart staat!!
De ‘scenic drive’ voerde ons zo’n anderhalf uur door de Valley die er grotendeels heel anders uitziet dan op de foto’s. Volgens ons staan alleen die 4 eerste ‘buts’ op alle foto’s en komen voor in alle films. Japanners te over hier die links en rechts een beetje lukraak in de rondte plaatjes aan het schieten zijn. Vooral van elkaar!
We zijn een beetje erg vroeg en of we nu hier bij het Informatiecentrum bij de Japanners en eekhoorntjes zitten te wachten, of bij Ed Black’s Stables, dat maakt niet uit. Maar bij Ed kunnen we al een beetje aan de hoogte van de paarden wennen en ons mentaal prepareren.
Wat zal ik schrijven over de volgende 20 uurtjes??
Het stofhappen, de gare konten en de schrale knietjes? Of het mooie landschap, de lieve paarden en het genot niet uit het zadel gevallen te zijn?
Om 4 uur was eindelijk de hele ploeg compleet: 27 toeristen (al dan niet rookie op het paard!) en 4 indiaanse gidsen. We worden opgesplitst in twee groepen en daar gaan we dan: Leendert op Blue J, een paard een stuk hoger dan de rest, Chris op Budweiser, Leo op Appie (nog zo’n typisch indiaanse naam) en ondergetekende op Rabbit.
Alhoewel ik als enigste moeite had met het bestijgen van mijn Rabbit: eenmaal in het zadel voelde ik mij vrij comfortabel. Stapvoets trekken we Monument Valley weer in. Over een half uurtje gesloten voor al het autoverkeer, behalve voor de bewoners; dus dan hebben we het rijk (bijna) alleen. We zitten al laat in de middag, dus de kleuren zijn briljanter dan midden overdag en het ziet er vanaf het paard sowieso anders, echter uit dan vanuit een stoffige auto. Dit stapvoets lopen ligt ons wel. Lekker een beetje deinen in je zadel, genietend van het landschap en kletsend met elkaar. Nederlands en Engels. Hé, waar zijn de duitsers gebleven?? Die durven zeker niet? Volgens de kaart is onze overnachtingsplaats nog vreselijk ver weg. Dat halen wij nooit binnen drie uur in dit gezapige tempo. Men wil namelijk voor zonsondergang op onze bestemming zijn om nog bij daglicht de tentjes op te kunnen zetten. Welke tentjes: gewoon slapen onder de sterren!!!
I
k had gelijk met mijn " niet halen in dit gezapige tempo". Op commando van onze gidsen (Rick and Ray, geloof ik!) gingen onze paarden, die naar ons absoluut niet luisteren, over in een gezapig drafje. Alhoewel gezapig!! Mijn achterste vond het meer dan gezapig. "Find the rythm of the horse!" Welk ritme? Tegen de tijd dat ik dacht dat te pakken te hebben, werd het tempo weer verlaagd en smakte ik hard in het zadel. De beste remedie is benen strekken en je eigen opdrukken met je handen op de zadelknop. Maar dat kost behoorlijk kracht. Hopelijk ben ik niet de enigste bij wie het niet helemaal lukt. In ieder geval kunnen we er nog om lachen, vooral om elkaar. Gelukkig gaat het even later weer stapvoets. Zodat ik nog wat kan filmen en kan genieten van de omgeving. Echt een verschil met vanmiddag!Dan is draf ook nog te langzaam: kom op jongens, galopperen! En verrek: het gaat veel harder, maar voor ons gevoel ook wat gemakkelijker. Is dat mogelijk? Een ding viel mij ontzettend mee: hard, zacht, heuvel op en heuvel af. Je blijft stevig in het zadel zitten. Jippeeyajeee!!!
Toch kijken wij met jaloezie en gepaste eerbied naar onze begeleiders, die schijnbaar zonder enige moeite in het zadel zitten. Ik ben blij dat ik geen cowboy geworden ben! (Chris zijn naam is trouwens veranderd. Geen Creepy Chris meer, maar Babyface Chris.)
Na enige uren rijden wij in het schemerdonker een vallei binnen en al van verre ruiken wij ons diner. Nu alleen nog afstijgen: maar dat viel gelukkig mee. Over afstijgen gesproken: Chris is in slow motion van zijn paard gevallen. Er was een riem losgegaan; Budweiser struikelde erover en daar ging Chris. Een mooi gezicht volgens Leo. Gelukkig gingen we toen stapvoets en niet in galop. Hij is er nu zonder kleerscheuren afgekomen. Alleen een schouder doet wat pijn!
Tegen een hoge bergwand is een kraal gebouwd en daarin verdwijnen de paarden voor vannacht. Wij hoeven verder niet mee te helpen, maar worden uitgenodigd om te gaan eten. Eerst nog eventjes de rit revieuwen en de pijntjes tellen. Wij hebben het vooral over het feit dat de paarden bijna niet naar ons luisteren. We weten ook wel de reden waarom: wij zijn veel te soft. "If you want them to listen, kick them, kick them!" Ons kicken lijkt echter meer op aaien, dus luisteren ze (bijna) niet. Ik zeg bijna, want helemaal niet, is niet waar. Leendert zijn paard is geloof is het ergste, die doet gewoon waar hij zin in heeft. Er werd ons trouwens gezegd, dat als je paard staat te water(vall)en je in je zadel moet gaan staan. Maar als er zo’n 10 paarden neus aan neus en schoft aan schoft staan; Hoe weet je dan dat dat geklater vanonder jouw paard komt? Gelukkig wijzen we elkaar op dit euvel.
Onderweg is ons nog een en ander uitgelegd en verteld hoe iedere berg heette. Maar Ray praatte zo zachtjes dat we er niet veel van meegekregen hebben. Is niet belangrijk. Het wordt er niet mooier of lelijker op. Olifant, kameel, slapende draak, de drie gezusters. Who gives a damn??
O ja, het eten! Natuurlijk frybread met bonen, steak en allerlei verse groenten, opgegeten in het bijna pikkedonker. Maar het smaakte niettemin.
Een Engelsman had zijn maaltijd al achter te kiezen zitten, toen hij besloot wat meer in het schaarse licht te gaan zitten. Hij verplaatste zijn stoel, ging zitten en kiepte achterover. Zijn stoel had maar drie poten! En daar had hij toch al een tijdje op gezeten…!
Wij horen en zien dat er dichter bij de paarden een kampvuur gemaakt wordt en na het eten worden wij vriendelijk verzocht daaromheen plaats te nemen. Het liefst in een kring, maar als we eenmaal neergeploft zijn, zijn we niet meer in beweging te krijgen. Wat nu?? Entertainment?? Het begint met een paar flauwe grappen over Lone Ranger en Tonto en wij kijken elkaar een beetje wanhopig aan.
Totdat er in het licht van het kampvuur een jonge indiaan verschijnt . In een doekje gerold heeft hij enkele zelfgemaakte fluiten bij; die hij ook nog bespeeld en voor slechts twee maanden oefenen, helemaal niet slecht. IJle fluittonen onder een blauwzwarte hemel, bespikkeld met miljoenen sterren en op de achtergrond het snuiven en briesen van de paarden Do you catch the feeling? Na een tijdje verdwijnen de fluiten en verschijnt de trom: een hele grote trom: een oorlogstrom! Iedereen die mee wil drummen is welkom. Chris dus! In een gelijkmatig tempo wordt er steeds harder en harder en dan weer zachter op geslagen. Bijna hypnotiserend! Totdat men begint te zingen: en dat valt niet te beschrijven, dat moet gehoord worden. Ik kan niet zeggen dat het nou zo mooi was: maar wel apart en zeer zeker indiaans dus passend voor de gelegenheid. Alleen de medicijnman, dansend rond het kampvuur, gehuld in een berenhuid, ontbreekt nog! à propos beer: de beer is voor de Navajo het sterkste medicijn. Het zien van een beer is altijd een zeer goed teken. Beren zullen we hier echter niet zo gauw tegenkomen!!!
Terug naar de drum. Na een paar liedjes vond men het tijd worden voor een dansje. Een traditionele indiaanse two-step voor paartjes. Het duurde even voor er wat "vrijwilligers" gevonden waren, maar uiteindelijk kon men beginnen. "Remember, after this ceremony you’re considered to be married." Grapje!!
Tot op dit moment heb ik zo mijn grote twijfels over het traditionele van de uitgevoerde dansen, maar dat mag de pret niet drukken. Na een tijdje verdwijnt ook de drum en worden de slaapzakken en matjes tevoorschijn gehaald. Tijd om te gaan slapen? Forget it!!! In het donker hadden wij al een hoop gegiechel gehoord (voornamelijk van Rick) en opeens komt er uit datzelfde donker en zevenmans gelegenheidskoor met handdrum aangelopen. En die hebben nog lang staan zingen!!! Na iedere drie liedjes werden de kelen gesmeerd met een blikje Budweiser (alcohol is overigens ten strengste verboden op Navajo-gebied) en gevraagd of wij het erg vinden dat zij nog wat verder zingen. Tuurlijk niemand die nee zei, maar dat wel dacht. Ze hebben ons met zijn zevenen gewoon staat neetnekken: gelet op al het gegiechel en de vele blikjes Budweiser. Stel het je voor: in je slaapzakje (bijna op het zand liggend) rond een kampvuur onder die (nog steeds) prachtige hemel; entertained door zeven aangeschoten indianen. Waar en wanneer in ’s hemelsnaam maak je zoiets mee??? In Monument Valley. Aan te raden voor iedereen die niet bang is voor zand, paarden en een zeer lijf.
Rond 12 uur (of was het veel later) besluit men het zingen te staken, alhoewel ze naar hun zeggen de hele nacht zouden kunnen doorzingen. Maar dan weet ik het nog niet: wie er dan het hardst zou zijn gaan gillen. Want voor een half uurtje of desnoods een uurtje was het nog wel leuk. Maar een hele nacht: goed voor een nervous breakdown, die er volgens mij bij Leendert al dicht zat aan te komen!!!!
Langzaam wordt het stiller en stiller en zie je van het kampvuur nog slechts een paar gloeiende kooltjes. Alleen de sterren blijven stralen. Er raar of niet: na het verwijderen van alle rare oneffenheden onder mijn flinterdunne matje, lag ik haast beter dan eergisteren in dat superzachte bed in Blanding. Nu alleen het slapen nog: ach, who needs sleep?? Genoeg om naar te luisteren: briesende paarden, blaffende honden, snurkende Leen, snurkende vreemdeling….
Hoe zit het trouwens met de hier voorkomende slangen en schorpioenen? Volgens de Navajo zitten die allemaal hoog en droog bovenop de rotsen en is het hier beneden te koud voor hen. Dan hoop ik toch dat zij vannacht niet besluiten te gaan bungee-jumpen, want dan jumpen ze zo bij ons op het hoofd. Want als ik omhoog kijk, zie ik behalve die al zo vaak geroemde en genoemde hemel en massieve rotswand: ongenaakbaar en ietsjes vooroverhellend, boven ons verrijzen.
Sweet dreams!
![]()
Woensdag 9 oktober
Rond zeven uur begint het ‘lager’ weer te leven: de slaapzakken worden opengeritst; het vuur opgerakeld en de koffie gezet. Leo en ik hebben gelijk onze spieren weer opgewarmd met een kleine wandeling, overigens in de hoop op een mooie zonsopgang, maar ons geduld raakte op en de zon haastte zich niet. Daarna op ons gemakje teruggelopen en genoten van de rust. Terug was ook Chris uit zijn cocon gekropen en konden we gaan ontbijten. Leo en ik hebben nog een of andere zoete koek weggewerkt, maar Chris en Leen die perse niet naar het toilet willen, hebben slechts een pover glaasje jus d’orange gedronken. Misschien bang om naar het toilet te gaan, want ik hoorden ze gisteren iets mompelen over b….. kwijt zijn!
De Navajo-gidsen zijn alweer druk bezig alle paarden op te zadelen en opeens komt Chris (ook nog een gids,; degene die gisteren de 2-stepdans leidde) voorbij op Blue J. Schijnbaar moest die al even afgereden worden of zoiets. Tijdens het voorbijrijden vroeg hij: "Wie rijdt er op Blue J.?" Toen wij op Leen wezen, moest hij geniepig lachen. Dat belooft wat!!
Als alles weer ingepakt is en de hier en daar verspreid liggende bierblikjes verzameld zijn, is het nog slechts een kwestie van ieder zijn eigen paard zoeken en hij kan weer. De 5de Hollander in het gezelschap moet even zoeken, maar uiteindelijk is ieder stel compleet. Deze Hollander reist met Trek America en die gaan in 3 weken van de oost- naar de westkust. Na het paardrijden doen zij nog even de valley-drive en dan als een speer naar Lake Powell om te skiën en morgenvroeg weer verder. Tempo jongens!!
Het eerste contact met het zadel vanmorgen leert mij dat mijn onderste rug toch gevoeliger is dan gedacht. Maar dat moet 2 uur vol te houden zijn. Alleen mijn linkervoet voelt aan alsof hij ieder moment kan omknikken, dus die laat ik af en toe uit de stijgbeugel. Na een tijdje rijden, komen onze gidsen er opeens achter dat zij het tuigage nog een keer moeten controleren. Blijkt er bij mij nog een of andere riem los te zitten. Waar die voor diende, weet ik niet en wil ik ook niet weten! Na een rit van 2 uur zijn we weer bij ons beginpunt en is ons horseback-avontuur voorbij. Aan de ene kant blij dat alles nu tot rust kan komen, aan de andere kant heel erg jammer dat het achter de rug is. Het was een hele leuke en ook unieke ervaring, waar we nog vaak aan zullen terugdenken. De eerste (voor mij tweede) keer op het paard, een prachtige omgeving en een mini-indiaanse show in een. Wat wilt u nog meer? We nemen afscheid van de gidsen en paarden en stappen stoffig in de auto. Een stelletje blanke roodhuiden met pijn op de meest vreemde plekken. Wie had dat ooit kunnen dromen? Op het paard door Monument Valley!
Als wij er achter een colaatje over zitten te mijmeren, zijn we het erover eens dat bepaalde dingen niet te beschrijven of te filmen waren, maar dat ze vast in onze herinneringen liggen.
Waar we nu naartoe gaan, weten we nog niet. We rijden in ieder geval richting Page en zien wel. Kayenta lijkt ons droog en stoffig, dus verder maar. We passeren alleen nog maar hele kleine dorpjes, dus het zal vanavond Page al wel worden. Ja hoor, daar zitten we nu in een family room in de Econo Lodge. Morgen gaan we, als ons gestel het toelaat, naar de Antilope Canyon en overmorgen begint onze minitrip op Lake Powell. Geen verkeerde vooruitzichten.
![]()
Donderdag 10 oktober
Weer eens vroeg wakker: kwart over zes en een uur later staat de koperen ploert alweer te bakken. Mijn arme ruggetje.!! Maar daarmee gaat het ’s-nachts alweer (bijna) helemaal goed na weer een dagje onder de stralende blauwe hemel.
Vandaag was de dag van Antelope of Corkscrew Canyon. Om 10 uur vertrok de jeep van tegenover ons hotel. Een ritje van zo’n 20 minuten voor een canyonnetje van 110 meter lang?? Is dat de moeite? Ja, dat was het. "You have come too far, not to see it!", is goed gezegd. De kleuren en vormen zijn een stijve nek meer dan waard. Maar 40 minuten is te kort. Iedere paar minuten is het weer anders en zie je weer een ander prachtig doorkijkje. Wij hebben de hele vakantie lopen te beweren dat de foto’s van Fagali nep moeten zijn. Ze zijn het echter niet. Ook de foto’s in een van Geert zijn fotoboeken komen te werkelijkheid te na. Hier had die indiaanse jongen uit Monument Valley muziek moeten maken. Het is hier prachtig, ongelofelijk, indrukwekkend. Nu alleen duimen dat er tenminste een paar fotootjes gelukt zijn. Eentje misschien. Want dat was moeilijk!!! Ook Geert zou hier een paar zuchten geslaakt hebben en zweterige handjes gekregen hebben. Het zit in ieder geval in ons hoofd opgeslagen bij al het andere moois van de afgelopen 14 dagen. Voor de zekerheid toch een paar foto’s kopen? Nee, we laten het aan het toeval over.
Weer terug in Page hebben we een kijkje genomen bij de Wahheap Marina: even een blik werpen op ons bootje van morgen. Niet zo chique als verwacht, maar wel leuk. Dobberend in het heldere water met al die vis. Ik verheug me er nu al op!
Alleen zullen we moeten uitkijken niet teveel eten te kopen, want tijdens een oriënterende tocht door de supermarkt zien we zoveel lekkers! We steken gewoon op een gegeven moment de BBQ aan en laten die twee dagen branden.
Op de terugweg naar ons hotel stoppen we nog bij de Glen Canyon Dam en werpen een blik in de diepte. Dat is mooi! Kijk daar kun je boottochtjes maken! Iets voor ons???
We nemen ook nog een kijkje op en in de dam en volgen een zogenaamde ‘selfguided tour’. Wat een indrukwekkend bouwwerk en wat een kracht moet er op die dam staan. Heel Lake Powell met zijn bijna 400 kilometer kustlijn! Wij zagen een filmpje over de zomer van 1984 toen de boel een beetje uit de hand gelopen is en zelfs het zeer uitgebreide waterbeheersingssysteem van de Colorado de toen af te voeren hoeveelheid water niet aankon. Dat moet een machtig gezicht geweest zijn, maar minder leuk voor de mensen benedenstrooms. Er zal toen ook wel het nodige water door de Antilope Canyon gestroomd zijn, die zijn prachtige vormen dankt aan dit water.
O ja, nog wat inkoopjes gedaan: een hoop spijkerbroeken en schoenen. We gaan vroeg naar bed, want morgen is het ook weer vroeg dag. En misschien loop ik in mijn dromen nog wel door die sprookjeswereld genaamd Antelope Canyon.
![]()
Vrijdag 11 oktober
Op 6 uur staan we naast ons bed, want om 7 uur gaat de winkel open en we moeten boodschappen doen. En een uur later gaan wij met een wagen volgeladen de deur weer uit. Hebben we toch niet een beetje teveel gekocht voor nog geen drie dagen? Wijn genoeg in ieder geval! Nu nog inchecken en varen met die hap.
De instructie over de boot is zo achter de rug en rond 10 uur is alle bagage aan boord.
Al gauw blijkt dat het ondanks de twee kaartjes die wij hebben, het toch moeilijk is je te oriënteren. Je ziet haast niet waar het water eindigt en het rode (natuurlijk!) land begint. Eerst maar eens een baaitje zoeken voor een rustig ontbijtje en verrek, nog geen half uur weg van de marina en hier is het al mooi!
Op dit moment liggen we ergens in de gloepende zon te proberen een visje te vangen. En ik heb net gezwommen van het rode strand!
21 uur 15
Ergens op Lake Powell: niet meer helemaal nuchter na een BBQ en 3 liter Californische wijn. Onder dezelfde mooie hemel van een paar dagen geleden. Slapen we op het dak?? Nee, dus.
Het wordt echt saai; het is hier weer mooi!!! Vooral de laatste 20 minuten: varend door de West Canyon; steeds smaller er smaller. Met allerlei kleine zee-armpjes en baaitjes. Je voelt je net een ontdekkingsreiziger, benieuwd naar hetgeen achter iedere volgende bocht ligt. En hoe later het wordt; hoe mooier de kleuren.
In een van die baaitjes zijn we ten anker gegaan. Ten anker wil zeggen; kop in de wal en 2 ankers aan de kant brengen. Het ligt in ieder geval goed.
We hebben nog even proberen te vissen, maar het lukte niet en de duisternis naderde ras. Terwijl we daarna in het donker zitten te peuzelen, springt de ene vis na de andere rond ons bootje. De pestkoppen!
Wie had het trouwens over genoeg wijn???
![]()
Zaterdag 12 oktober
Nog steeds ergens in de West Canyon.
En veel verder kunnen we volgens mij ook niet. Vanmorgen na ons ontbijtje zijn we deze canyon nog verder ingevaren en het werd weer smaller en smaller en een paar keer voeren we een doodlopende arm in, terwijl aan beide zijden van de boot de rotswanden loodrecht boven ons verrezen. Schitterend!! En natuurlijk leuk varen, want het blijft opletten geblazen.
P.S. Twee dagen geleden in de Antelope Canyon is er nog een zwarte weduwe gezien. De steek is voor ons vervelend, maar voor kinderen en oudere mensen kan hij dodelijk zijn. Ik heb hem niet gezien, want ik was aan het worstelen met mijn statief. Volgens de anderen was hij echter niet erg indrukwekkend. Ook komen er wel eens ratelslangen voor in de canyon: op muizenjacht. Maar die zijn overdag verdwenen; normaliter!! Hoe kom ik hier ineens op?? Leen en Chris zijn op hun blote voeten door het struikgewas aan het banjeren en wij zitten hier echt ver verwijderd van de EHBO!
Onze rust wordt op dit moment trouwens verstoord door twee jetskies. Verboden zouden die dingen moeten worden, als wij er zelf niet op zitten!
Na een mooie tocht met wat gevis en een zwempartij, gaan we op zoek naar een stekkie voor vannacht. Dat vinden we ergens in een van de zij-armen van de Last Chance Bay. Waren de vormen in de West Canyon rond en glad; hier is alles scherp en hoekig. Wat een verschil.
Koud liggen we weer geankerd en komen de hengeltjes weer tevoorschijn. Want hoewel we nog niets gevangen hebben, geven we de moed niet op. We zien namelijk vis genoeg zwemmen in dit schone, glasheldere water. En we blijken een goed stekkie gevonden te hebben! Iedereen heeft wat gevangen: een flinke karper, die we heel gemeen om de tuin geleid hebben, en enkele catfish, waarvan er een de haak door zijn snorharen had zitten. Hoe die daar komt? Alleen mijn baarsje was wel zielig, dus dat gastje en zijn broertje hebben we zo wat brood gevoerd. Er moeten in dit meer monsters van vissen zitten. Enkele duikers die de onderkant van de dam moesten inspecteren, kwamen daar zulke enorme exemplaren catfish tegen, dat zij weigerden nog een keer te duiken. Dat moeten dan aardige visjes geweest zijn.
Chris wil zo’n knoepert vangen, want hij heeft zijn eigen aas gemaakt. Brood met melk en suiker. Leen en Leo moeten bij terugkeer in Nederland allebei een bezem opvreten, want die lachten zich een kriek bij het zien van Chris zijn tennisbal grote aas. Maar hij heeft er dus iets mee gevangen. De karpers zwemmen zelfs op dit moment nog naast de boot in afwachting van het volgende broodje. Dat ze waarschijnlijk nog wel krijgen, want brood hebben we zat.
Wat zal ik dat prachtige zicht naar boven missen. Nu waait het een beetje, maar gisteren was het bladstil, zodat de sterren weerspiegelden in het spiegelgladde water. En vanmorgen bij zonsopgang deden dat de bergen, totdat de een of andere idioot in speedboot voorbij kwam razen.
Na de BBQ, waarbij Leo bijna zijn laatste paar overgebleven haren verspeelde aan een leuk ontploffinkje, bij ons – onderhand verplichte – potje kaarten horen wij aan de kant enkele stenen naar beneden rollen. Alle blikken richten zich op het duister, maar het is net alsof je in een zwart gat kijkt. Toch zit er iets: something’s whatching us! Maar wat; dat blijft altijd een raadsel. Er zijn sporen genoeg langs het water. In ieder geval was het geen ree-achtige dit keer. Sommige afdrukken lijken van een rover; coyote, cooger, poema? We weten het niet, maar uit alle voorzorg doet Leo het hekje dicht en ook de deur wordt afgesloten.
![]()
Zondag 13 oktober
’s-Morgens lijken er inderdaad sporen bijgekomen te zijn, maar het enigste wat wij gezien hebben, was een grote kraai/raaf (?) die op de reling aan het rondhuppen was.
Voor het ontbijt proberen Leen en ik nog maar eens een visje te vangen en weer vangen we allebei zo’n overgulzige meerval.
Dan nog een ontbijtje (wil er iemand nog brood?) en we gaan weer op weg naar de Wahweap Marina. In ons gebruikelijke tuf-tufgangetje. Volgens instrukteur Floyd van de week hadden we voor zo’n tien uur benzine aan boord. Zoals wij varen, pikken we het halve meer mee. Toch zijn we nog ruimschoots op tijd binnen zicht van de haven, dus stoppen we nog een keertje en gooien nog eens een hengeltje uit. Wel vis: geen geluk!
En warm als we stilliggen, dus hebben we allemaal een gezond kleurtje.
Het uitchecken loopt als een trein, dus is het al gauw: bye, bye Lake Powell.
En nu zitten we weer in de Cono Logde. Wassen, aankleden en een hapje eten. Rare jongens die Amerikanen!! Het is nu zondag; veel restaurants zijn dicht, maar nu om acht uur zijn de supermarkten en wasserettes nog open. Ik heb geloof ik nog niet verteld dat je in de supermarkten een waas voor de ogen krijgt; zoveel keus en zo goed verzorgd. Vooral de groentes en het fruit. Met ijs en sprenkelaars. Iets voor Ome Jan!!
![]()
Maandag 14 oktober
Gisterenavond verschenen er dikke zwarte wolken en enorme bliksemschichten verlichtten de hemel. Dat wordt regen; dachten wij! Page is echter droog gebleven , maar volgens het weerbericht zijn er in de omgeving wel buien gevallen. Hoe zit dat dan met ons boottochtje naar Lees Ferry?? De wolken zijn er nog steeds, maar schijnen de goede kant uit te drijven. Alhoewel goed; allemaal richting Grand Canyon. Misschien een onvergetelijke ervaring; een flinke storm gezien vanaf de South Rim??
Op de teevee hebben ze het op dit moment (8.15 am) over een advocaat voor dieren. Zei ik het niet: rare jongens die Amerikanen??
Over dieren gesproken; het valt ons op dat we hier zo weinig vogels zien. Vooral de afgelopen dagen op het meer; wat eenden, een verdwaalde meeuw en een nieuwsgierige kraai/raaf (?). Waar zijn de rovers??
Vier uur ’smiddags; weer een mooi dagje achter de rug. Een "smooth" trip de Colorado af richting Lee’s Ferry. Wij waren natuurlijk weer veel te vroeg, dus hebben we nog maar een rondje Page gedaan. Chris heeft nu ook eindelijk iets gekocht: een riem. Ik nog steeds geen sandpainting!!
Om 11 uur hop on the bus richting Glen Canyon Dam. Na een tunnel van 2 mijl, allemaal een helmpie op en voor we het weten, zijn we bij de rubberen boten met 140 Pk erachter. Onze stuurman is nou zo’n typische Amerikaan, met zo’n rotlachje. Alles is cool!!! En inderdaad de tocht is "very cool". Het is weer mooi!!!!!
Ook deze tocht loopt via Aramark, net als de houseboat van gisteren. Ook doen zij de rafting-tours door de Grand Canyon: en inderdaad voor het eerstkomende jaar zit alles vol; en dat voor 1660 Dollar voor zeven dagen.
Onze medepassagiers zijn, op wat oudere mensen na (Leo niet meegeteld), allemaal min of meer jongelui. En ik weet zeker, zonder die drie ouderen waren we goed nat geworden. Football op het water, tussen twee rubberboten. Bij sport denk ik meteen aan die spectaculaire honkbal-scene van van de week. Doordat een 12 jarig jongetje de bal afving van een veldspeler, staan de New York Yankees in de World Series. "Can you believe that?" Iedereen praat erover en zelfs de mopjes zijn er al. "What do Michael Jackson and the Yankees have in common? They both need twelve year old boys to score!" Ha, ha ha…..
Wij vroegen ons af hoe je 3 ½ uur stroomafwaarts kunt varen over 14 mijl. Nu weten we het: heel vaak stoppen, want ook in deze canyon zijn een stelletje zolen aan het rondkijken geweest en zagen overal in en op de rotsen silhouetten van mensen, vrouwen in bikini en natuurlijk weer een kameel. Zal wel! Wij knikken braaf ja.
Voor het eerst zien we ook vliegvissers aan het werk. Het lijkt me sterk dat die niets vangen, want wij zien vis zat in het klaarheldere water. Wat moet dat voor John Wesley Powell een machtig en spannend avontuur geweest zijn: de eerste die de Colorado rivier afgevaren is. En toen nog zonder enige dam om het water in toom te houden. "The river is too thick to drink and too thin to plough!" Erg modderig dus, zoals wij gezien hebben in Moab, boven Lake Powell: waarin waarschijnlijk alle modder bezinkt zodat de rivier hier klaarhelder is.
We stoppen ook nog ergens om ‘petroglyphs’ te bekijken. Ze schatten ze op zo’n 2000 haar oud, getekend door de Anaztasi. En toch zijn er dan nog zolen die absoluut geen eerbied hebben voor de weinige echte historie van Amerika en er hun eigen naar bijkrassen. Worden ze gepakt dan staat er vijf jaar gevangenisstraf op. Maar wie let daar hier op? Een foto per dag is niet echt een goede preventie!
Om 3 uur zijn wij jammer genoeg bij Lee’s Ferry en moeten we stoppen. "Ah toe, een rapidje??" No way en no way back; de eerste 130 mijl is er geen plaats meer om de boten uit het water te halen.
Het ritje terug is mooi en voor we het weten zijn we weer in Page. Alwaar we na een hartige cheeseburger vertrekken richting Grand Canyon, terwijl zich in de verte een aardig stormpje ontwikkelt. Zo eentje willen we morgenavond weer. In Cameron moet een groot hotel zijn, maar we slaan achterover van de prijzen. De dichtstbijzijnde hotels zouden in Flagstaff zijn, dus rijden we daar maar heen. Maar wat is dat, een paar mijl verder in Gray Mountain staat een Inn met een vrije kamer en geen stijl achteroverslaande prijzen met tegenover een restaurant. Met goed maar geen rustig eten. Tijdens het eten worden we namelijk vergast op indiaanse dans en zang. En daar hebben we het al eerder over gehad.
Chris wil naar de bar, maar die is hier niet. Leo; "Chris wil altijd naar een bar, als hij zeker weet dat er geen is!" Daarom zitten we nu aan de tequila. Loopt lekker morgen!!
![]()
Dinsdag 15 oktober.
De dag begon goed: vol goede moed richting Grand Canyon. Toen kwamen we in Grand Canyon Village en de moed zakte in de schoenen, want wat is het hier druken ongezellig. Tijdens een kleine snack in de Maswik cafetaria zegt Leen: "Dit is toch wel de afknapper van de vakantie!" Daarmee drukt bij het goed uit!
Maar de Grand Canyon blijft toch de Grand Canyon: dus een echt natuurwonder. Wij staan niet meer met open mond te kijken, want we hebben al zoveel moois gezien dat niets ons meer ‘um kann hauen". Wat een groot dal en dat vooral veroorzaakt door water; onschuldig water!! Heel soms kunnen we in de diepte de Colorado River zien stromen, met zijn rapids. Ook zien we de Bright Angel Trail naar beneden slingeren. Gaan we morgen nog een stuk naar beneden en hoe ver? Dat moet ieder voor zich uitmaken!
De boys gaan onze eventuele helikopter voor morgen checken, terwijl ik even lekker lig te relaxen. Dan vlug, vlug: naar de rim voor de zonsondergang. Waar komt die wind ineens vandaan?? Jongens, toch is het hier mooi hoor. We zijn er gewoon al teveel aan gewend.
Weet je wat me opvalt? We hebben hier nog geen Fagali foto’s gezien! Die man heeft ons de hele vakantie al achtervolgd met zijn mooie foto’s. Alleen hier (nog) niet. Eten wordt Cowboy steak en Cowgirl steak in een schemerige omgeving. Yaheee!!!
![]()
Woensdag 16 oktober
Ik weet het niet van de rest, maar ik ben van mijn Grand Canyon-kater af. Dat na een koele en stevige wandeling, vanmorgen en een helikoptervlucht vanmiddag.
Rond 9 uur hebben we allemaal de bergschoenen weer eens aan en besluiten een stukje in de canyon af te dalen via de South Kebab Trail. Veel steiler dan de Bright Angel Trail, maar ik denk dat dat gezichtsbedrog is. Leo was gisteren nog aan het twijfelen of hij überhaupt mee zou gaan, want die had last van elastieken benen. Het gaat beter dus loopt hij een stukkie met ons mee en vindt hij het welletjes worden, keert hij terug naar zijn Max Havelaar. Voor ieder uur omlaag moet je er twee omhoog rekenen, dus houden wij de tijd goed in de gaten. De trail loopt langs de rim, dus je hebt de hele tijd een prachtig zicht in de Canyon.
Gisterenavond is er een wind opgestoken en die is nog niet gaan liggen. Dit resulteert in vele stofwolken en zelfs je eigen af en toe schrap moeten zetten tegen de wind. Tijdens deze wandeling zou je weinig schaduw hebben, maar zo vroeg op de dag is het tegenovergestelde waar. Geen zon!! Hetgeen het een frisse bedoeling maakt; en dat is voor het klimmen niet verkeerd. Leen en ik vinden dat we na drie kwartier ver genoeg zijn en Chris gaat nog een kwartiertje verder, terwijl Leen en ik zandhappend en eindelijk de zon ziend, op hem staan te wachten. Veel mensen passeren ons downhill en uphill. Sommigen komen zelfs helemaal van de North Rim. Zij hebben wel overnacht bij de Phanton Ranch. Maar dan is het toch nog een hele klim, vooral met bepakking. Wat zijn wij dan een kneusjes!! Terwijl wij zo zitten te wachten en genieten van het uitzicht, krijg ik de indruk dat het steeds harder gaat waaien. Zouden de helikopters dan wel vliegen??
Om half elf zijn we alweer bij Leo, dat viel mee: volgens mij hebben we in Zion veel meer geklommen. Alhoewel de meningen hierover verdeeld zijn. Maakt niet uit; behalve het zandhappen, was het weer mooi!!
Op de rim staat een telefooncel. Zal ik even met Pa en Ma bellen???
Half elf: nog een groot deel van de dag voor ons. Wat nu?? Checken of er gevlogen wordt en zo ja: gelijk boeken. Leo opperde gisteren niet mee te gaan om het goedkoper te houden: schijterd! Hij gaat echter toch mee en heeft daar achteraf geen spijt van. Niets spectaculairs of spannends, maar ……….. U raadt het al…….weer mooi! Je krijgt nu ook een beter idee van de dimensies, want bij een blik vanaf de rim voel je je eigen zo klein en verloren. Vanuit de lucht echter, krijg je een geheel ander gezicht. To fly like an eagle!!
Jammer genoeg is het tochtje zo voorbij, maar we hebben boven de Grand Canyon gevlogen. Onwerkelijk! Als kind wilde ik er altijd al naar toe en nu ben ik er dan. Toch maakte Bryce meer indruk, maar de Grand Canyon heb je al zo vaak op foto’s en in films gezien, dat je je er geen vreemde voelt. Je bent er op bezoek; alleen ruik je nu de bomen en voel je de wind.
Chris en ik zijn weer helemaal koud, want ik wilde nog een keer de zon achter de bergen zien zakken. En daar is hij nu!!
Het kost vanavond wat moeite iets te eten te vinden; overal lange wachttijden. We eindigen daarom bij de Pizza Hut met als toetje een grote pizza voor op de kamer!
De herten lopen hier trouwens tussen de huizen en ook zien we enige coyotes. Helaas hebben we die ook al dood langs de weg zien liggen!!. Ze steken pardoes voor de auto over en kijken je daarbij nog stom aan ook.
![]()
Vrijdag 18 oktober
15 uur 45 op LAX; i.e. Los Angeles Airport.
Een lange weg afgelegd sinds de Grand Canyon gisterenmorgen.
Toen zij wij bijtijds uit bed, want we willen buiten "the village" ontbijten. Het is ons hier te ongezellig en ook erg duur. We werpen nog een laatste blik in de Grand Canyon en rijden onze vakantie zo’n beetje uit. Nog steeds door mooi landschap via Williams en Bullhead naar Las Vegas. Niet via de Hoover Dam, want daar schijnt een vertraging van een uur te zijn. We steken de Colorado rivier over en genieten nog heel eventjes van zijn heldere water.
In de vroege namiddag ligt in de verte Las Vegas weer te zinderen in het zonnetje. Om veel geloop en gezoek te voorkomen, strijken we weer neer in Motel Tahiti. Tenslotte ligt dit aan "the Strip"! Alles wordt uit de auto gehaald, ook de hier en daar verspreid liggende, stinkende sokken van Leo. Iedereen krijgt zijn eigen spulletjes toebedeeld en moet proberen dat weer in zijn koffer te frommelen, met eventueel aangekocht souveniers.
Dan gaan we op zoek naar steak en lobster. Overal grote aanplakbiljetten, maar wij lopen ons platpoten. Het restaurant dat we wisten, vonden we een beetje te duur. Vooral Leen, die besloten heeft vanavond te trakteren. Die zullen we eens een poot uitdraaien!
Op een gegeven moment lopen we een enorme shopping mall binnen. Er zou zich daarin een steak house bevinden, maar dat zag er van buiten al verschrikkelijk duur uit, dus daar laten we zelfs de deur met rust. Aangezien dit steakhuis zich aan de achterkant van de mall bevond, staan we nu ineens een eind achter "the strip". Waar zijn alle lichtjes en mensen gebleven?? Via hotel/casino Frontier willen we binnendoor weer terug richting "the Strip" lopen. Hé; een restaurant en ze hebben steak and lobster. Gauw naar binnen voordat we tot aan de knieën versleten zijn. En binnen valt het niet tegen. Chique hoor! Lekker gegeten met een goed wijntje. Alleen teveel en slaapverwekkend, die Californische wijn (Merlot)!!
Dan zijn we klaar om ons in het gekkenhuis, called Las Vegas, te storten.
Wat een tegenstelling binnen een dag: ’s morgens een van ‘s werelds grootste wonderen gemaakt door de hand van de natuur en ‘s avonds in een van ‘s werelds grootste door mensenhand gewrochten stad. Ceasar, MGM, Stardust, Treasure Island, Luxor. Ze proberen elkaar allemaal te overtreffen. Zo hebben we vanavond staan te kijken naar een zeeslag voor Treasure Island. Echte piraten, echte Engelse zee-officieren en het schip zonk ook echt!! Niet te geloven. Wat brengen die casino’s dan wel niet op??? Want buiten het gratis entertainment op straat, krijg je tijdens het spelen binnen de drankjes gratis. Wij hebben in ieder geval lang niet genoeg gedronken om ons verlies te dekken. Geen goedkope vakantie!!!!!
Om half drie misschien toch verstandig om nog wat te gaan slapen?
![]()
Vrijdag 8 oktober
Op LAX dus.
Gaar na een paar uur autorijden en nog gaarder met de gedachten aan de komende uren. Ik ben lui genoeg om uren te slapen, maar dat zal wel weer niet lukken. Over een dagje zijn we weer thuis: moe maar voldaan na een hele mooie vakantie. Alleen nog even duimen voor de foto’s en de film.
Have a nice day!!
P.S. Herinneren jullie je die vallende ster bij Ruby’s Inn nog?? Ik weet niet hoe het met Leo zit, maar mijn wens is uitgekomen: een hele mooie vakantie!!!
©2003-2004 ms-cheyenne